Gezondheidsnieuws

medisch nieuws

Kinkhoestvaccinatie voor zwangere vrouwen

Kinkhoest is een besmettelijke ziekte die ernstige hoestbuien kan veroorzaken. Het is vooral gevaarlijk is voor jonge baby's die nog niet zijn gevaccineerd of nog onvoldoende prikken hebben gehad. Een goede manier om pasgeboren baby's tegen kinkhoest te beschermen is om vrouwen tijdens de zwangerschap een kinkhoestprik te geven.

Kinkhoest kan ernstig verlopen voor jonge baby’s. Zij kunnen hierdoor longontsteking krijgen of ademnood en hersenschade door te weinig zuurstof.  Jaarlijks worden er zo’n 120 baby’s met kinkhoest opgenomen in het ziekenhuis. Soms overlijdt er zelfs een baby aan de ziekte.

Baby’s worden in Nederland ingeënt tegen kinkhoest wanneer ze 2 maanden oud zijn. De eerste maanden zijn ze dus nog niet beschermd tegen kinkhoest. Veel baby’s die de ziekte krijgen, krijgen deze dan ook de eerste weken na de geboorte.

Beschermen jonge baby's

De Gezondheidsraad heeft onderzocht hoe jonge baby's wel goed kunnen worden beschermd tegen kinkhoest. Dat kan door vrouwen tijdens het 3e trimester van de zwangerschap een kinkhoestprik te geven. De antistoffen die in de vaccinatie zitten gaan via de navelstreng naar de ongeboren baby. De baby is dan vanaf de geboorte al beschermd tegen kinkhoest.

De staatssecretaris van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport besluit voor de zomer of de prik kosteloos wordt aangeboden aan alle zwangere vroouwen. Tot die tijd kunnen zwangere vrouwen de prik krijgen bij de huisarts of GGD. Het is dan voor eigen kosten.

Wat is kinkhoest en hoe ernstig is het?

Kinkhoest is een besmettelijke ziekte die veroorzaakt wordt door een bacterie. Deze bacterie veroorzaakt ernstige hoestbuien die drie tot vier maanden kunnen aanhouden. Kinkhoest begint vaak met klachten die lijken op een gewone neusverkoudheid. Daarna begint het hoesten. Dit kan variëren van een irritante hoest tot forse hoestbuien. Deze kunnen zo heftig zijn dat het leidt tot braken. De kinkhoestbacterie wordt verspreid door kleine druppeltjes uit de keel die tijdens het hoesten in de lucht komen. Vooral bij ongevaccineerde baby’s en baby’s die nog niet alle inentingen gehad hebben, kan kinkhoest ernstig verlopen. Kinkhoest kan bij hen leiden tot longontsteking, afvallen, ademnood/blauw aanlopen, hersenschade door te weinig zuurstof en soms zelf tot overlijden. Jaarlijks worden er gemiddeld 120 baby’s met kinkhoest in het ziekenhuis opgenomen.

Wie kan kinkhoest krijgen?

Jonge baby’s zijn de eerste maanden nog niet of onvoldoende beschermd tegen kinkhoest. Juist bij deze groep kan kinkhoest ernstig verlopen. Een inenting tegen kinkhoest of het doormaken van een kinkhoestinfectie geeft tijdelijk bescherming, maar niet levenslang. Het is dan ook mogelijk dat tieners en volwassenen die tijdens hun jeugd gevaccineerd zijn of kinkhoest hebben gehad, toch kinkhoest krijgen. Wel verloopt een kinkhoestinfectie over het algemeen milder bij iemand die ooit gevaccineerd is of al eerder een kinkhoestinfectie heeft doorgemaakt.

Hoe beschermen we kinderen tegen kinkhoest?

Kinderen kunnen in Nederland vanaf de leeftijd van 6 weken gevaccineerd worden tegen kinkhoest. Zij krijgen via het Rijksvaccinatieprogramma in totaal vijf vaccinaties tegen kinkhoest: vier in hun eerste levensjaar en nog een extra prik in hun vierde levensjaar. De eerste vaccinatie geeft slechts gedeeltelijke bescherming. Pas nadat de eerste 3 inentingen zijn gegeven, is er optimale bescherming. De vierde en vijfde vaccinaties zorgen ervoor dat het kind langer beschermd blijft.

Hoe beschermt het vaccineren van zwangere vrouwen baby’s tegen kinkhoest?

Na een kinkhoestvaccinatie maakt het lichaam zelf antistoffen tegen kinkhoest aan. Deze antistoffen beschermen het lichaam tegen kinkhoestinfecties. Bij een zwangere vrouw gaan deze antistoffen via de navelstreng ook naar de ongeboren baby. De baby heeft dan bij de geboorte al antistoffen tegen kinkhoest en is de eerste maanden van het leven beschermd tegen deze ziekte. Daarbij zorgt een kinkhoestvaccinatie er ook voor dat de zwangere vrouw zelf geen kinkhoest krijgt. Zij kan na de bevalling dus ook niet haar pasgeboren baby besmetten met deze ziekte.

Bron: RIVM

Wanneer u met gezondheidsklachten bij de huisarts bent geweest, kan de huisarts het nodig vinden om laboratorium onderzoek aan te vragen. In dat geval heeft u van uw huisarts een aanvraagformulier voor laboratoriumonderzoek (bloedprikken) gekregen. Met het aanvraagformulier kunt u zich melden bij meerdere prikposten bij ons in de buurt, waar u zo spoedig mogelijk wordt geholpen. Hier kunt u ook urine of ontlasting inleveren. De bloedafname gebeurt zittend. Er wordt een kleine hoeveelheid bloed afgenomen uit een ader, meestal aan de binnenkant van de elleboog. De uitslag van de onderzoeken is meestal na een week bekend en kunt u opvragen bij de huisarts. Ook kan de huisarts het nodig vinden om ander lichaamsmateriaal (zoals weefsel, pus, sputum en afstrijkjes van slijmvliezen) te laten onderzoeken. Dit wordt door de huisarts bij u afgenomen en naar het laboratorium verzonden. Het duurt meestal wat langer voordat deze uitslag bij ons bekend is, omdat er meestal kweken van bacteriën worden gemaakt.

De kosten van bloed-, laboratorium- en weefselonderzoek worden ten laste gebracht van uw eigen risico. De aanbieders van aanvullend onderzoek maken prijsafspraken met uw zorgverzekeraar. De arts heeft dus geen invloed op de kosten die hiervoor worden berekend.Heeft u vragen over uw rekening, welke is ingediend bij uw zorgverzekeraar, dan kunt u contact opnemen met uw zorgverzekeraar.

Generieke geneesmiddelen

De zorgverzekeringswet uit 2005 heeft het mogelijk gemaakt dat de verzekeraar slechts enkele geneesmiddelen per indicatie vergoedt. Verzekeraars hebben met geneesmiddelenfabrikanten van generieke geneesmiddelen scherpe prijsafspraken gemaakt. De apotheker is verplicht dat middel af te leveren aan patiënten. Dit levert de zorg in Nederland een aanzienlijke kostenbesparing op. Zowel uw apotheker als uw huisarts merken dat het veel onduidelijkheid geeft met name bij u als patiënt.

Hieronder volgt een korte uitleg:

De generieke middelen (stofnaam van de werkzame stof) worden wat betreft samenstelling en bereiding, even zwaar beoordeeld als de spécialités (merkgeneesmiddelen). Dit houdt in dat er geen verschillen zijn in de hoeveelheid geneesmiddel die in het lichaam opgenomen wordt en de snelheid waarmee dat gebeurt. Hierin worden de generieke middelen steeds vergeleken met het originele merk geneesmiddel.

De werkzame bestanddelen van de producten zijn hetzelfde maar de hulpstoffen kunnen enigszins verschillen. De in Europa geregistreerde generieke geneesmiddelen zijn gelijkwaardig aan spécialités. Daarmee zijn deze middelen onderling uitwisselbaar.

Alleen als er medisch aantoonbaar een allergische reactie is opgetreden op een geneesmiddel, kan de (huis)arts het medisch noodzakelijk achten dat een bepaald geneesmiddel wordt afgeleverd door de apotheek. Hiervoor zijn de voorwaarden strikt bepaald door de zorgverzekeraar. Ervaren verschillen in werkzaamheid zijn geen medische reden om het recept van de notitie "medische noodzaak" te voorzien. Als u toch een spécialité wilt blijven gebruiken kan dat in overleg met uw apotheker, maar zal de zorgverzekeraar het medicijn niet vergoeden en zijn de kosten voor eigen rekening.

De huisartsen van De Zorghoek Bergschenhoek

M. van Smaalen

M. Prins

A. Bleuzé

P. Krastman

 

Regelmatig krijg ik, huisarts, verzoeken van eigen en mij onbekende patiënten voor het verrichten van een rijbewijskeuring. Ik heb begrepen dat dit inmiddels mag. Klopt dat? Mag ik ook informatie verstrekken aan het CBR over mijn patiënten?

Advies

Het is behandelend artsen niet toegestaan om eigen patiënten te beoordelen op verzoek van een ander, zoals het CBR. U moet het uitvoeren van een rijbewijskeuring overlaten aan een onafhankelijke, deskundige arts. Wel mag u over een eigen patiënt, op basis van gerichte vragen en met uitdrukkelijke toestemming, feitelijke informatie verstrekken aan de medisch adviseur van het CBR.

bron: KNMG

 

Medische verklaringen

Het komt steeds vaker voor dat allerlei instanties om een medische verklaring vragen.

Indien u patiënt bent bij onze praktijk mogen wij op grond van de regels van de KNMG - de beroepsorganisatie voor artsen - geen schriftelijke of mondelinge medische verklaringen afleggen over uw gezondheid, ziekte, invaliditeit of arbeidsongeschiktheid. Dergelijke verklaringen mogen alleen worden afgegeven door een onafhankelijke arts d.w.z. een arts waarbij u niet onder behandeling bent. De twee belangrijkste redenen hiervoor zijn dat uw huisarts zich dient te concentreren op uw behandeling en een goede vertrouwensrelatie met u moet kunnen opbouwen. In dit kader past niet dat uw huisarts in een belangenconflict betrokken raakt. Daarnaast kan uw huisarts niet altijd beoordelen wat precies de criteria zijn voor bijvoorbeeld een oordeel over uw arbeidsongeschiktheid.

Meer informatie over medische verklaringen vindt u hier.

Mocht een vragende instantie toch medische informatie nodig hebben, dan kunnen zij een onafhankelijk arts aanwijzen of door hun medisch adviseur informatie laten opvragen. Wel mag uw eigen huisarts op uw verzoek aan andere artsen of instanties informatie verschaffen uit uw medische dossier. Dit gebeurt uiteraard alleen als u daarvoor toestemming heeft gegeven en een schriftelijk verzoek daartoe heeft ingediend bij uw huisarts. Er zijn kosten verbonden aan deze informatieverstrekking. Wij verzoeken u uw verzoek tijdig te doen, houdt u rekening met een termijn van beantwoording van drie weken.

Icon Thuisarts.nl

Wat kan thuisarts.nl voor u betekenen? Op thuisarts.nl vindt u betrouwbare en begrijpelijke informatie over gezondheid en ziekten. Naast onze eigen website kunt u nu dus eveneens betrouwbare informatie vinden bij thuisarts.nl. Het is een initiatief van het NHG (Nederlandse Huisartsen Genootschap) en is in samenwerking met de Nederlandse huisartsen ontwikkeld. Bezoek website

Icon Doe de diabetes risicotest

Wanneer uit de DIABETES-test blijkt dat u een verhoogd risico op suikerziekte heeft, neem dan contact op met de doktersassistente van uw praktijk om de test te bespreken met de huisarts of praktijkondersteuner. Bezoek website

Icon Doe de COPD risicotest

Wanneer uit de COPD-test blijkt dat u een verhoogd risico op de longziekte COPD heeft, neem dan contact op met de doktersassistente van uw praktijk om de test te bespreken met de huisarts of praktijkondersteuner. Bezoek website

Icon Toestemming uitwisseling medische gegevens

Uw zorgverlener stelt uw medische gegevens alleen elektronisch beschikbaar aan andere zorgverleners als u hem daarvoor toestemming geeft. In onderstaande brochure kunt u meer lezen over de voordelen van gegevensuitwisseling. Middels het toestemmingsformulier kunt u kenbaar maken wel of geen toestemming te geven voor de uitwisseling van uw medische gegevens. U kunt het toestemmingsformulier hier downloaden en afgeven op de huisartsenpraktijk.